HALLE in mei – Bedevaart, traditie en de Mariadevotie

Volgende week is het 1 mei en meteen ook de start van de Mariamaand. Naar jaarlijkse traditie komen dan de eerste bedevaarders toe in Halle. Over de volledige maand loopt dat aantal op tot enkele duizenden bezoekers. Na een terugval tijdens de coronaperiode ligt het aantal pelgrims de jongste jaren opnieuw duidelijk in stijgende lijn, al blijft het op langere termijn eerder stabiel. Om alles veilig te laten verlopen worden de automobilisten gevraagd om in deze periode extra aandachtig te zijn op de drukke bedevaartswegen.

De maand mei heeft in Vlaanderen al eeuwenlang een bijzondere betekenis als Mariamaand. In Halle krijgt die traditie een extra dimensie: het is er niet alleen een periode van devotie, maar ook het begin van een levendig bedevaartseizoen. Vanuit het Pajottenland en van ver daarbuiten trekken gelovigen dan naar de stad, vaak te voet, als onderdeel van een diepgewortelde traditie.

Oorsprong van de Mariaverering in Halle

De bijzondere band tussen Halle en Maria gaat terug tot de middeleeuwen. Volgens de overlevering schonk gravin Mathilde van Brabant in de 13e eeuw een Mariabeeld aan de stad. Dit beeld, later bekend als de Zwarte Madonna, kreeg al snel een reputatie van wonderbaarlijke kracht. Talrijke verhalen over genezingen en bescherming versterkten de devotie. De verering concentreerde zich rond de huidige Sint-Martinusbasiliek, die uitgroeide tot een belangrijk bedevaartsoord in de Lage Landen. Doorheen de eeuwen bleef de toestroom van pelgrims bestaan, waardoor Halle een vaste plaats kreeg op de religieuze kaart.

Te voet naar Halle: een levende traditie

Geregeld berichten ook West-Vlaamse media over bedevaarders die de lange voettocht naar Halle ondernemen. Zo vertrekken jaarlijks groepen uit onder meer Kuurne, Oostrozebeke en Wielsbeke voor een voettocht van 80 kilometer of meer. Vanuit die regio lopen de traditionele bedevaartroutes via Geraardsbergen en het Pajottenland, waardoor in gemeenten zoals Galmaarden, Herne en Gooik heel wat pelgrims langskomen. Veel stappers vertrekken in de vroege ochtend, of zelfs al de avond voordien.

Voor velen is de tocht naar Halle meer dan een fysieke inspanning. Onderweg wordt nog vaak gebeden, bijvoorbeeld via de rozenkrans of tijdens korte bezinningsmomenten. Het stappen zelf krijgt zo een spirituele betekenis waarin stilte, ontmoeting en geloof samenkomen.

Bij aankomst in de stad is het moment intens: vermoeidheid en voldoening gaan hand in hand. De pelgrims worden verwelkomd door het toerismekantoor Visit Halle en de Broederschap van Onze-Lieve-Vrouw van Halle. De Broederschap is een eeuwenoude vereniging van geëngageerde vrijwilligers die de Mariaverering en de bedevaarttraditie levend houdt. De leden staan onder meer in voor het onthaal van de bedevaarders en ondersteunen religieuze vieringen en evenementen.

Aandacht voor verkeersveiligheid

Tijdens de bedevaartperiode wordt ook een beroep gedaan op de goodwill van alle weggebruikers. Omdat veel pelgrims te voet of met de fiets onderweg zijn, vaak in groep en soms vroeg in de ochtend of laat in de avond, wordt aan automobilisten gevraagd om extra aandachtig en voorzichtig te zijn.

In het Pajottenland en het nieuwe Pajottegem worden onder meer volgende wegen en trajecten vaak gebruikt door bedevaarders: de Ninoofsesteenweg (N8) vanuit Ninove, de Edingsesteenweg (N285) vanuit Edingen, de Assesteenweg (N9) vanuit Asse, de Langestraat (N285) vanuit Geraardsbergen en lokale verbindingswegen via dorpen zoals Lennik, Gooik, Herne en Roosdaal. Die gemeenten in de ruime omgeving van Halle vormen als het ware een toegangspoort tot de stad.

Op deze trajecten kunnen wandelaars zich langs of op de rijbaan bevinden. Extra voorzichtigheid, aangepaste snelheid en aandacht voor signalisatie zijn dan ook essentieel.

Volgens getuigen uit het verleden gebeurden er in de maand mei opvallend meer verkeersongevallen, verschillende zelfs met dodelijke afloop, op de wegen naar Halle. Dat had vooral te maken met de combinatie van druk verkeer en grote groepen bedevaarders die op de rijbaan zonder bescherming te voet onderweg waren. Vandaag is het verkeer veiliger geworden door betere infrastructuur en organisatie, al blijft extra waakzaamheid uiteraard noodzakelijk.

De Zwarte Madonna en de Sint-Martinusbasiliek

Centraal in de bedevaart staat het bezoek aan de Zwarte Madonna in de basiliek. Dit beeld van Maria met kind is het spiritueel hart van Halle en een symbool van hoop en bescherming. De bedevaart wordt beschouwd als waardevol levend erfgoed in Vlaanderen.

De Weg-Om: stappen door erfgoed en landschap

Wie de geschiedenis van Halle als bedevaartsoord zelf wil ervaren, kan ook de Weg-Om wandelen, een processieweg van ongeveer 5,6 kilometer die start aan de basiliek. Langs kapelletjes en velden ontdek je zo het religieus erfgoed van de streek.

Hoogtepunt: de Mariaprocessie

Het hoogtepunt van de Mariamaand volgt op Pinksteren. Op zondag 24 mei 2026 om 15 uur trekt de Mariaprocessie door de straten van Halle, met praalwagens, historische kostuums en muzikale begeleiding die de rijke geschiedenis tot leven brengen.

De bedevaart naar Halle is meer dan folklore of toerisme. Het is een levend erfgoed waarin geloof, geschiedenis en gemeenschap samenkomen. Dat nog steeds zoveel mensen de tocht ondernemen, toont hoe sterk deze traditie verankerd blijft.

Dit nieuwsbericht delen: