Einde in zicht voor 40 jaar orgelstrijd in LEERBEEK

Het befaamde Le Royer-orgel keert terug naar de Sint-Pieterskerk en blaast nieuw leven in een eeuwenoud dossier

Een monument in een monument

De Sint-Pieterskerk van Leerbeek, een 18de-eeuws beschermd gebouw dat bekend staat om haar warme interieur en de eeuwenoude verering van Sint-Antonius, herbergt één van de oudste orgels van het Pajottenland: een Le Royer-orgel. Dit unieke instrument, gebouwd in 1648 door Nicolaes II Le Royer, hoforganist en -orgelbouwer in Brussel, was oorspronkelijk bestemd  voor het Sint-Elisabethklooster op de Brusselse berg Sion. Toen dat klooster in 1784 werd opgeheven, vond het orgel een nieuw thuis in de pas gebouwde kerk van Leerbeek. Het is het enige bewaard gebleven orgel dat in Brussel werd gebouwd door een tijdgenoot van de orgelcomponist Abraham van den Kerckhoven.

Het instrument, met zijn eikenhouten kast in laat-renaissancestijl en vroege barokinvloeden, werd toen aangepast aan de schaal van de landelijke parochiekerk. Een waar juweel, met gesculpteerde engelenkopjes, florale motieven/cartouches en pijpen van tin en hout waarvan een aanzienlijk deel nog dateert uit de 17e eeuw.

In de loop van zijn geschiedenis onderging het instrument diverse restauraties en aanpassingen. Deze ingrepen waren eerder ‘transformaties’ waardoor het orgel vandaag een mengvorm is van 17de-, 18de- en 19de-eeuwse elementen.

Van bescherming tot frustratie

Het Le Royer-orgel kreeg in 1979 de status van beschermd monument, maar die erkenning bracht niet meteen rust. Integendeel: de restauratiegeschiedenis werd een lijdensweg van meer dan vier decennia.

Pastoor Keustermans zette in 1990, met de steun van zijn parochie en de kerkfabriek, een nieuwe herstelling in gang. Met eigen middelen werd opdracht gegeven om het orgel opnieuw speelvaardig te maken, tot een klacht van Wim C, een lid uit het toenmalige gemeentebestuur  de werken abrupt deed stilvallen. De kern van de controverse: moest het instrument worden hersteld naar zijn 17de-eeuwse Brusselse oorsprong, of eerder naar de aangepaste versie die sinds 1784 in Leerbeek stond?

Het gevolg was dat Leerbeek bleef zitten met een waardevol maar zwijgend monument: een orgel dat gezien mocht worden, maar niet meer kon klinken.

Een dossier dat bleef aanslepen

Pas in 2015 kwam er opnieuw beweging in het dossier, toen de gemeente Gooik een restauratieplan voor de kerk indiende. Omdat de toestand van het gebouw prioritair was, werd de restauratie van het orgel losgekoppeld. In 2017 werd het instrument zorgvuldig afgebouwd en opgeslagen door de provincie Vlaams-Brabant.

Toen in 2021 de restauratie van de kerk was voltooid, kwam ook voor het orgel eindelijk het verlossende nieuws: Vlaanderen gaf groen licht voor de restauratie van het Le Royer-orgel als sluitstuk van de hele operatie. Orgeladviseur Nico Declercq werd aangesteld en de opdracht ging naar het gerenommeerde atelier Orgues De Facto uit Stavelot. Voor de restauratie kan gerekend worden op 80% subsidie. Het gunningsbedrag is 310.000 euro met een inbreng van 31.000 euro vanuit het kerkfabriek. Het overige gedeelte is voor rekening van het lokaal bestuur.

Terug naar huis

Op 3 november 2025 keerde het Le Royer-orgel na acht jaar terug naar zijn vertrouwde plaats in de Sint-Pieterskerk. De verschillende onderdelen, in de ateliers reeds zorgvuldig gerestaureerd, worden momenteel opnieuw opgebouwd. De restaurateurs concentreren zich in deze fase op de windladen en de pijpvoering – het hart en de adem van het orgel.

De kast van het instrument, ongeveer 4,2 meter hoog en 2,6 meter breed, straalt opnieuw de grandeur uit van weleer. De komende maanden volgen de laatste afwerkingen en het langdurige proces van acclimatisatie, waarbij het orgel zich aanpast aan het binnenklimaat van de kerk.

Een stilte van veertig jaar gebroken

Als alles volgens plan verloopt, zal het Le Royer-orgel in mei of juni 2026 opnieuw in volle glorie te horen zijn. Dan komt een eind aan een dossier dat meer dan veertig jaar lang het kerkbestuur, erfgoedinstanties en de gemeenschap van Leerbeek bezighield.

Voor velen wordt het moment waarop de eerste tonen opnieuw door de Sint-Pieterskerk klinken, meer dan een muzikaal hoogtepunt: het wordt een symbool van volharding, respect voor erfgoed en de herwonnen ziel van een dorp dat nooit het geloof verloor in zijn muzikale verleden.

Met dank aan Michel Doomst en Sarah Copriau voor hun bijdrage aan bovenstaande tekst die een beknopte curriculum vitae inhoudt van het  Le Royer-orgel in de kerk van Leerbeek.

Dit nieuwsbericht delen: