De werken voor het aanleggen van de natuurbelevingszone Hernedries zijn nu toch van start gegaan. Die zone is gelegen aan de Markrivier in het centrum van de gemeente. Het verleggen van de bedding van de Markrivier, het ophogen van de dijken en het creëren van een overloopzone samen met de drastische uitbreiding van de overstromingsgebieden hebben de jongste jaren geleid tot het interessant herontwikkelingsproject. Met het inrichten van die natuurbelevingszone komt er een sluitstuk aan de werken die de natuurlijke waterhuishouding in de streek verbeteren en de risico’s op overstromingen, vooral ook in het centrum van Herne verminderen. Het nieuw oevergebied of de overloopzone wordt nu ingericht als natuurinrichtingsgebied met daarbij nu ook een fikse kwinkslag naar wandel- en speelzone. Dat draagt bij tot het versterken van de biodiversiteit en de ecologische waarde van het centrum en voorziet tegelijkertijd ook in broodnodige recreatiemogelijkheden in het centrum en zijn directe omgeving.

Het gebied aan de kruising van de Stationsstraat en de Rendries is een groene zone in eigendom van de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) dat nog slechts sporadisch onderhevig is aan een overstroming. Dat gebied wordt nu ingericht om er grote en kleine bezoekers op een laagdrempelige manier van de natuur te laten genieten. Het idee behelst dan ook natuurbeleving te combineren met zachte recreatieve voorzieningen zodat – vooral gezinnen met kinderen – op een speelse manier gebruik zouden kunnen maken van die natuur zonder haar te verstoren.
Wat ging er aan vooraf ?
Het was in 2017 dat de VMM, vooral op uitdrukkelijk verzoek van het gemeentebestuur, besloot, naast aanpassingswerken in Galmaarden, ook een totaalaanpak van de wateroverlast in het centrum van Herne uit te werken door onder meer het uitbreiden van de reeds bestaande gecontroleerde overstromingsgebieden en het uitbouwen van een lokale bescherming door indijking van de Stationsstraat. Die werken hielden onder meer in het aanleggen van beschermingsdijken, dijkgrachten en doorsteken met terugslagkleppen evenals het plaatselijk verleggen van de Mark en het aanleggen van oeververstevigingen, een damwand en keermuren. In de Stationsstraat ging het daarbij vooral om de bescherming tegen wateroverlast van een vijftiental woningen.
Die grootse werken hadden tot gevolg het ontstaan van een nieuwe oeverzone die, naast haar functie van gecontroleerd overstromingsgebied, thans het voorwerp uitmaakt van het creëren van een bijkomende functie waar mens en natuur dan beter kunnen van worden. Voor natuurontwikkeling en publiek toegankelijk groen wilde het gemeentebestuur dan ook die percelen op een verantwoorde manier ontsluiten en beleefbaar maken. Daartoe diende het gemeentebestuur onder de noemer ‘natuurinrichtingsproject’ alvast een subsidiedossier in. Dat project bestond enerzijds in het aankopen van grond voor bosuitbreiding en anderzijds in het inrichten van overstroombare speel- en recreatienatuur in het randgebied van de Mark. Zo wordt nu ook landschappelijk de noordelijke met de zuidelijke vallei verbonden en werden met de VMM afspraken gemaakt om een nieuw wandelpad stroomopwaarts te laten aansluiten op het reeds bestaand Markpad dat deel uitmaakt van het wandelnetwerk Pajottenland.
In de schoot van het adviesplatform ‘Omgeving’ werden werkgroepen in het leven geroepen om bij een aantal thema’s advies uit te brengen en projecten mee uit te werken. Vanuit de werkgroep Rendries werd zo enige tijd terug ook de assistentie ingeroepen van de Hernse jeugd. Dat resulteerde dan in een aantal muurschilderingen die de site een meer aantrekkelijk beeld meegaven.
Natuurbelevingszone

In de nieuwe natuurbelevingszone worden in plaats van traditionele speeltoestellen diverse natuurlijke speeltuigen voorzien zoals een touwenparcours, een boomstammenpad, een klauterrek en een mikado van boomstammen. Die natuurlijke speelmaterialen stimuleren kinderen om creatief en vrij te spelen terwijl ze tegelijkertijd de natuur kunnen ervaren. Naast de speeltuin worden er ook nog andere mogelijkheden voorzien voor zachte recreatie met voorop wandelpaden en poelen waarbij respect voor flora, fauna en landschap centraal staat.

Half december, als de werkzaamheden van de aannemer (Heyrman/De Roeck uit Beveren) voltooid zijn, wil het lokaal bestuur er samen met de inwoners ook nog eens honderden extra streekeigen planten en bomen aanplanten. Dat draagt dan ook positief bij tot het groenblauwpeil van de gemeente en ondersteunt de doelstellingen binnen het Lokaal Energie- en Klimaatpact (LEKP 2.1) dat voorziet in extra-aanplant tegen 2030. Voor het natuurbeheersplan werd de expertise van Rollin Verlinde – werkgroep Rendries – ingeschakeld. Via zijn deskundigheid wordt gezorgd voor een doordacht en ecologisch verantwoorde keuze van de aangeplante natuur wat bijdraagt aan een duurzaam en klimaatbestendig landschap.
De term ‘groenblauwpeil’ verwijst naar een strategie die gericht is op het insluiten en het toevoegen van zowel groene (natuur) als blauwe (water) elementen in het landschap.
De werkgroep (H)echt Herne zal er ook een nieuwe landschapskubus opzetten en de bezoekers zullen ook via een vlonderpad het gebied kunnen verkennen. Een vlonderpad is een pad dat is gemaakt van houten planken dat toelaat te wandelen zonder het ecosysteem te verstoren en zonder natte voeten te krijgen.
Samenwerking
Het realiseren van de natuurbelevingszone is het resultaat van een intense samenwerking tussen de werkgroep adviesplatform omgeving/(H)echt Herne, het lokaal bestuur, het Regionaal Landschap Pajottenland en Zennevallei en de (VMM). Het project wordt voor 80% (+/- 150.000 euro) gefinancierd met subsidies die werden bekomen in het kader van groenprojecten in het Vlaams Strategisch Gebied rond Brussel (VSGB), via de Vlaamse Overheid en het Agentschap Natuur en Bos (ANB).
Waltrudismolen

Recent kocht de VMM de Waltrudismolen aan. Die molen diende tot 1955 om met waterkracht graan te malen. De jongste jaren werden inspanningen geleverd om het gebouw te restaureren en in stand te houden. Hoewel het waterrad en de buitenkant van de molen bewaard en hersteld zijn om het historisch karakter te bewaren wordt het gebouw al decennia niet meer gebruikt voor maalactiviteiten. Het molenhuis is nu een privéwoning waardoor de molen een hybride functie heeft gekregen: deels erfgoed, deels woonhuis. Wat de VMM met de molen wil doen, is nog niet duidelijk maar in elk geval wil men het domein rond de molen opwaarderen. Nieuwe wandelwegen richting het voorziene dorpspark in en rond het dorpsplein en de vroegere GO!-schoolsite behoren alvast tot de mogelijkheden.
















