VOLLEZELE – De Boerentram kreeg nu ook aan ‘Villezjiel Stoese’ een opvallend herinneringsbord

In een samenwerking van de Galmaardse dienst vrije tijd  en de Heemkundige Kring Gooik werd nu ook een dubbel herdenkingsbord aan de Boerentram onthuld ter hoogte van de vroegere Statie Vollezele aan het kruispunt van de Molenstraat met de Kasteelstraat. Het was daar dat de Boerentram tussen 1906 en 1959 halthield tussen Leerbeek en Ninove. Het herdenkingsbord verwijst overigens ook naar de Vollezeelse toneelschrijver Jaak Ballings. De onthulling gebeurde in het bijzijn van burgemeester Ludo Persoons, schepen van cultuur en toerisme Ludo Van Paepegem en cultuurmedewerkster Jana Van den Broeck, schepen Kurt Penninck en van Sam Van Belle en Jean-Paul De Loecker vanuit de Heemkundige Kring Gooik.

De Boerentram

De Boerentram doorkruiste het Pajottenland tussen 1888 en 1972 vanuit de eindhaltes Edingen, Halle, Leerbeek, Brussel en Ninove. De tram bracht mensen en goederen uit het Pajottenland vooral naar Brussel. Landbouwers gebruikten hem om hun koopwaren te verkopen in de steden. In Vollezele kwamen met de tram ook kopers uit heel Europa langs voor het aankopen van Brabantse/Belgische Trekpaarden, iets waarvoor Vollezele indertijd wereldwijd bekend stond. De verkochte paarden werden trouwens met een speciaal daartoe gebouwde tram weggebracht naar hun nieuwe stallingen.

Op 1 september 2022 was het vijftig jaar geleden dat de laatste tram uitreed. Van gans dat boerentramverhaal, met de stelplaats Leerbeek als middelpunt, valt er in de regio Brussel/Halle/Ninove/Edingen echter nog maar weinig te zien. Sam Van Belle van de Heemkundige Kring Gooik vond het in 2022 dan ook verantwoord en fijn de herinnering aan die boerentram terug leven in te blazen. Met een vijftiental beeld- en informatierijke borden wilde hij langs de oude tramroutes van destijds de vergane glorie van de boerentram in het Pajottenland in beeld brengen. Om dat project gestalte te kunnen geven kregen Sam en de Heemkundige Kring Gooik de nodige ruggensteun vanuit de gemeenten Gooik, Herne, Pepingen, Lennik, Sint-Pieters-Leeuw en Galmaarden evenals vanuit de vzw MobiliteitsErfgoed Tram en Autobus, De Tramsite Schepdaal en Zender, de intergemeentelijke Onroerend Erfgoeddienst voor het Pajottenland en de Zennevallei. Het lokaal bestuur Galmaarden opteerde voor een dubbelbord rond  enerzijds de Boerentram en anderzijds toneelschrijver Jaak Ballings die jaren lang in Vollezele woonde en ook jarenlang gebruikmaakte van de Boerentram.

Jaak Ballings

Als zoon van een Limburgse vader en een Waalse moeder werd Jaak Ballings (1881-1941) geboren in Zuid-Holland. Hij kwam terecht in Vollezele als onderwijzer. In 1927, enige tijd na een conflict met de toenmalige eigenaar van het nabij gelegen kasteel Steenhout, verhuisde hij naar Jette om ambtenaar bij het ministerie van Arbeid en Sociale Voorzorg te worden. In 1917 startte hij samen met Remi Mersch de Vollezeelse toneelgroep ‘Helpt Elkander’ op. Zijn oeuvre omvat meer dan 150 toneelwerken. Om die reden kreeg Jaak enige tijd terug ook al een straatnaam naar hem genoemd in Vollezele en werd in de gemeentelijke bibliotheek een mini-museum als herinnering aan zijn literair werk opgezet. Om dagelijks naar Brussel te pendelen was ook Jaak Ballings eertijds aangewezen op de Boerentram en op de halte ‘Vollezele Statie’. Vandaar dan ook de samenhang van de Boerentram met Jaak Ballings. Zijn ervaringen met de Boerentram beschrijft Ballings trouwens in een lied. Dat lied geeft een niet zo fraai beeld van hoe een ritje met de tram verliep. Via de technologie van de QR-code op het bord kan men genieten van informatie over de Boerentram en over Jaak Ballings.

Weleer

Meer informatie over de vergane glorie van de boerentram is beschikbaar in het boek ‘De Boerentram – Feiten rond het tramverkeer vanuit het station van Leerbeek’, uitgegeven in 2006 door de Heemkundige Kring Gooik. Ook dit Youtube-filmke geeft een beeld van de tram op lijn L (Brussel-Leerbeek).evenals de publicatie ‘Zomer 2022’ belicht het ‘Boeiend erfgoed’ van de Pajotse buurttram’ in Penzine.             

De eerste trams reden op stoomtractie die tussen WOI en WOII  voorzien werd van een elektrisch bovennet of een dieselaandrijving. Dat bleek evenwel niet voldoende om de tram een welvarende toekomst te blijven bieden. Vanaf de jaren ’50 ging het figuurlijk bergaf met de tram. Koning auto en de opkomst van de autobus zorgden voor zijn stille dood.

Tramsite van Schepdaal, alleszins een bezoek waard

In België is er nog één site die integraal bewaard bleef als buurtspoorwegstelplaats en dat is de tramsite van Schepdaal. Hier vonden trams onderdak en werden ze hersteld, was het trampersoneel thuis en stapten reizigers op en af. De site gaat terug naar 1887 en is nu beschermd industrieel erfgoed. Ze werd opgeknapt en vertelt opnieuw haar verhaal. Historisch erg waardevolle trams – met zelfs een koninklijk rijtuig – staan er opnieuw veilig op de sporen. Een bezoek meer dan waard.

Omdat het pleintje aan de kruisig van de kasteelstraat en de Molenstraat in de nabije toekomst zal worden heringericht als rustplek langs de VolleGaas-route, kreeg het dubbelbord een tijdelijke plek. Na de herinrichting zal het een nieuwe en definitieve plaats worden toebedeeld.

Dit nieuwsbericht delen: