GOOIK – Erfgoeddag – Proeven van gerechten uit grootmoeders tijd

Om ter gelegenheid van Erfgoeddag zowel ‘erfgoed’ als ‘thuis’ in het voetlicht te plaatsen voorzagen de dames en heren van de Heemkundige Kring de Schuur van het gemeenschapscentrum De Cam niet alleen van attributen en ornamenten met een jaartje meer maar kon het publiek ook proeven van gerechten en dranken die thans niet meer tot de standaard van vandaag behoren. In de inkleding mochten uiteraard en onder meer de Leuvense stoof, de sunlightzeep en ook één van de eerste uitgaven van ‘Ons Kookboek’ van de toenmalige Boerinnenbond met standaardrecepten uit veel Vlaamse keukens niet ontbreken.

Lokale productie, zelfbereiding en eenvoud

De bezoekers werden dan ook op sleeptouw genomen doorheen ‘oma’s restaurant’ in een naoorlogse periode, een tijd waarin families met twee en drie generaties 3 tot 4 keer per dag elkaar terugvonden aan tafel. Ook dan speelden ‘eten’ en ‘drinken’ daarbij vaak een belangrijke rol. In tegenstelling tot nu was ‘dagelijkse kost’ toen eerder gericht op lokale productie, zelfbereiding en eenvoud.

Ook de Vlaamse keuken heeft in de loop der tijd een evolutie doorgemaakt. Waar eerder stoofpotjes, soepen en stamppotten populair waren omdat ze goedkoop en voedzaam waren, zijn mettertijd ook in Vlaanderen nieuwe trends en invloeden opgedoken.

Druppels te ‘dangeruis’

In een ‘back in time’ was het dan ook een uitgelezen moment om te proeven van wat voor onze (over)grootouders dagelijkse kost was. In het aanbod een aantal gerechten waarbij ook de kennis van een woordje lokaal dialect van tijd tot tijd van pas kon komen om uit te maken wat het culinair aanbod precies inhield. Zo waren er standjes met tomatensoep mè ballekes, spesioële skautel, uuëren en puuëten van ’t varken, gerukten boesrink mè pellepatat, sxèette pansj mè treut, ballekes mè krikskes, bautermelkpas mè beskeut, boerebruuëd en kramik, smaat en bauter, ettekèès, rèèspas , sjokolattepuddink, aarevloeë en wôfels. Ook aan de dorstigen werd gedacht. Zij konden kiezen uit  guis, lambik en faarau, kaffee vuij de vraaven en limonaat vuij de kinjeren. En bij dat alles, ook net zoals vroeger, de raadgeving dat ‘druppels te dangeruis’ zijn.

Kookkessen

Om de organisatie rond te krijgen mochten Jean-Paul De Loecker en zijn rechterhand Johnny Van Bavegem een beroep doen op een goed geolied Heemkundige Kring-bestuur en ook nog een aantal vrijwillige dames die veelal nog of in een recent verleden de titel mochten dragen van ‘kookkes’ die van huis tot huis en van zaal tot zaal instonden voor feestmalen meestal ter gelegenheid van communies en huwelijken.

Dit nieuwsbericht delen: