HERNE op een verkennend studiebezoek op een landbouwbedrijf met een windmolen en een batterijencontainer

Enkele maanden terug diende Yves Schoriels (Barakkenbergstraat 2, 1540 Herne) een aanvraag in voor het bouwen van een windmolen op de gronden van zijn landbouwbedrijf in de Ekkelenbergstraat 24. Die gronden zijn sinds 2015 ingenomen met een melkveebedrijf met een veestal, een machineloods en sleufsilo’s. De aanvraag had tot voorwerp het oprichten van een middelgrote windturbine met een beperkt vermogen van 25 kW met een ashoogte van circa 18 m en een rotordiameter van circa 16 m. De windmolen met een tiphoogte van 26 m zou worden ingeplant aan de zuidelijke perceelgrens, derhalve aan de kant van de Aerebeekvallei.

De aanvraag werd inmiddels mede op advies van de gemeente Herne wel geweigerd door de bestendige deputatie van de provincie Vlaams-Brabant. Het negatieve advies van het college van burgemeester en schepen was toen gebaseerd op de argumentatie dat ‘het college op dit ogenblik geen positief advies kan formuleren over de aanvraag, gezien het gebrek aan een duidelijk wettelijk kader en het onvoldoende gekende impact van een dergelijke windturbine. Voor de gemeente Herne schept deze een precedentswaarde en dient minstens meer kennis van dit type windmolen te worden verworven. Het college wenst eerst een windmolen van dit type te bezichtigen om desbetreffende een standpunt in te nemen”. Eind vorig jaar startten buurtbewoners evenwel ook een online petitie op tegen de verdere plannen van het landbouwbedrijf om op dat perceel een dergelijke windturbine op te richten.

Een totaal beeld verkrijgen  

Om verder met kennis van zaken te kunnen oordelen gingen het lokaal bestuur en zijn dienst omgeving op zoek naar een vergelijkbare bestaande installatie. Voor het bezoek nodigden zij ook de aanvrager, de leden van de Gecoro en het platform omgeving, de buurtbewoners, de gemeenteraadsleden alsook mensen van onder meer het strategisch project Opgewekt Pajottenland 2.0 en Pajopower uit. Met ook burgemeester Kris Poelaert tekenden uiteindelijk 35 deelnemers in voor het studiebezoek. Het bezoek ging door in de Pieter-Wijmshoeve (Mattias Braem)  in Melsele (Beveren), in hoofdzaak een familiaal rundveebedrijf met ook een hoevewinkel. Deze locatie is voorzien van een installatie met zonnepanelen en er werd heel recent ook een batterijencontainer geplaatst en een windturbine (18m) in werking gesteld.

Schepen van milieu Kris Degroote: “De deelnemers wilden wij in de gelegenheid stellen zich persoonlijk te kunnen vergewissen van de ruimtelijke en geluids-impact, de werkelijke productie, de rendabiliteit en nog enkele andere parameters eigen aan een dergelijke windmolen om zich zo een totaal beeld te kunnen vormen. Ons lokaal bestuur heeft de ambitie om in de mate van het mogelijke al zijn hernieuwbare energie lokaal te produceren om zo Herne en het Pajottenland volledig zelfvoorzienend of energieneutraal te maken. Dat is overeengekomen samen met de buurgemeenten van het Pajottenland in het strategisch project Opgewekt Pajottenland 2.0. Het opwekkien en het verbruiken van energie moeten zo dicht mogelijk bij elkaar gebracht worden. Zoals in de conclusies van de landschapsstudie staat is de ‘ideale mix’ een uitgebalanceerd samengaan van hernieuwbare energiebronnen, een evenwicht tussen energetische efficiëntie, ruimtelijke wenselijkheid en maatschappelijke draagkracht met daarbij ook nog aandacht voor een realistische blik op de haalbaarheid en de mogelijkheid voor energieopslag. Dit betekent concreet dat we afgesproken hebben om 73% te halen uit zon, 21 % uit wind en 6 % uit biomassa. We beseffen maar al te goed dat het belangrijk is dat dit project voldoende gedragen wordt. Hernieuwbare energie inbedden in het landschap zorgt wel nog voor tegenwind, want het onbekende schrikt nog altijd af”.

Tijdens het plaatsbezoek werd toelichting gegeven over hoe een windmolen kan gecombineerd worden met zonnepanelen/batterijen en een slim sturingssysteem. Zo waren aan het woord de eigenaars van de hoeve, het bedrijf Reaer als officiële Belgische verdeler van windmolens geproduceerd door het Deense Solid Wind Power en het bedrijf Thodde. Het Thodde’s Energie Management Systeem (TEMS) is een energiemanager die onder meer technologie en energiebeheersystemen aanbiedt om toestellen samen te laten werken. Schepen Kris Degroote kanaliseerde de gesprekken. Het programma omvatte een infosessie windmolen, een infosessie zonnepanelen en batterijopslag in de vorm van totaalconcept, een vragenronde en een bezichtiging van de windmolen en de opslaginstallatie.

De turbine REAER SWP25-18m

Een vertegenwoordiger van REAER stelde hun windturbines voor: “Wij bij REAER zijn ons bewust van de noodzaak om een kwalitatief hoogstaande windturbine te leveren. Om deze reden opteren wij dan ook voor een solide windturbine van Scandinavisch ontwerp. Deze turbine is opgebouwd uit de beste onderdelen die verkrijgbaar zijn op de Zweedse, Deense en Duitse markt. De turbine die REAER voorstelt is afkomstig van het Deense Solid Wind Power (SWP). Het hoofdkantoor van SWP is gevestigd in het Deense Skjern, een regio gekend als de bakermat van de moderne windenergie. Met meer dan 800 operationele windturbines, verspreid over meerdere continenten, is SWP de referentie op gebied van kleine windturbines. De turbine die REAER installeert heeft een nominaal vermogen van 25 kW en een mast van 18 meter. Indien dit voor vergunningsdoeleinden noodzakelijk zou blijken kan de masthoogte worden verlaagd naar 15 meter. Door de grote rotordiameter van 15,95 meter beschikt onze turbine over een rotoroppervlak van maar liefst 199,8 m², wat in de praktijk leidt tot optimale prestaties bij lage, matige en hoge windsnelheden. Hierdoor heeft onze turbine één van de beste gecertificeerde elektriciteitsproducties binnen de markt. Onze turbine is immers gecertificeerd conform de IEC 64100-2 standaard. Voorts heeft de turbine tal van andere prestatiecertificaten die tevens door onafhankelijke organisaties zijn geaccrediteerd. Het voorgaande leidt tot een geluidsarme en efficiënte windturbine met een terugverdientijd van 7 à 11 jaar terwijl de turbine een verwachte levensduur van minstens 20 jaar heeft”.

Vragenronde

Gezien het heel diverse publiek waren zowel de vraagstellingen als de invraagstellingen fel uiteenlopend. Bij de vragen kwamen onder meer aan bod: de verhouding in het opwekken van zonne- en windenergie, de operationele kosten, de correctheid van het aangeleverd cijfermateriaal, de windmetingen in de Aerebeekvallei met zijn variabiliteit, het visuele impact en de geluidsoverlast en de lokale regelgeving. Bij de invraagstellingen dan weer waren onder meer aan de orde: waarom 18m en geen 15m, de rendabiliteit met verdienste via teruglevering, het delen van energie, de net-belasting en net-ontlasting, het partnerschap van Fluvius, de toekomst van windenergie, de vooropgestelde locatie, waarom geen melkrobot om zo de hoge pieken in energieverbruik weg te werken, waarom het bedrijf niet minder energiebehoeftig maken, de opslagcapaciteit en zijn kostprijs.

Bezichtiging

De veelal opgeworpen hinderlijke aspecten zijn geluid en slagschaduw. Zowel het geluid als de slagschaduw ontlokten bij de deelnemers geen al te uitgesproken negatieve reacties. Inzake geluid vestigden sommigen de aandacht op het verschil in geluid en geluidsoverlast dat overdag en ’s nachts wordt geproduceerd. Er werd ook op gewezen dat de bezochte locatie zich bevindt in een vrij open ruimte met weinig of geen particuliere woningen in de onmiddellijke buurt. Ook en gezien haar beperkte hoogte werd er geen slagschaduw vastgesteld buiten de 50 meter-zone. De inplanting van de windturbine creëert eveneens de visuele indruk dat hij deel uitmaakt van  het hoevecomplex.

Dit nieuwsbericht delen: